Welcome, reader! According to Antony Hegarty in this second decade of the new century our future is determined. What will it be? Stays all the same and do we sink away in the mud or is something new coming up? In this blog I try to follow new cultural developments.

Welkom, lezer! Volgens Antony Hegarty leven we in bijzondere tijden. In dit tweede decennium van de eenentwintigste eeuw worden de lijnen uitgezet naar de toekomst. Wat wordt het? Blijft alles zoals het is en zakken we langzaam weg in het moeras van zelfgenoegzaamheid of gloort er ergens iets nieuws aan de horizon? In dit blog volg ik de ontwikkelingen op de voet. Als u op de hoogte wilt blijven, kunt u zich ook aanmelden als volger. Schrijven is een avontuur en bloggen is dat zeker. Met vriendelijke groet, Rein Swart.

Laat ik zeggen dat literaire kritiek voor mij geen kritiek is, zolang zij geen kritiek is op het leven zelf. Rudy Cornets de Groot.

Do not go gentle into that good night, Old age should burn and rage at close of day; Rage, rage against the dying of the light. Dylan Thomas.

Het is juist de roman die laat zien dat het leven geen roman is. Bas Heijne.

In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God. Johannes.



dinsdag 24 oktober 2017

Allah in Europa, achtdelige serie van Jan Leyers


Meer inzicht in het denken van moslims binnen Europa

Tien jaar geleden maakte de Belgische journalist Jan Leyers de televisieserie De weg naar Mekka, waarin hij door verschillende islamitische landen reist. Door zijn milde toon wist Leyers veel openhartige uitspraken te ontlokken aan zijn gesprekspartners, waar de kijker weer zijn voordeel mee kon doen. Dat geldt ook voor zijn nieuwe serie, opgedragen aan Karen de Bok, waarin hij de islam van binnen Europa bestudeert. Zijn programma lijkt aanvankelijk een mooi tegenwicht te vormen tegen de steeds meer oprukkende gedachte dat de moslim - na de zwarte en de vrouw - the nigger van de wereld is, maar het wordt steeds duidelijker dat moslims het liberale gedachtegoed in het Westen wel eens meer mogen omarmen.

1: Bosnië – de les van Srebrenica

Vanwege de lange traditie die de islam in Bosnië kent, is dit land de uitgelezen plaats om de reis door Europa te beginnen. Meteen al het eerste beeld ontkracht het feit dat een moslima op de tweede plaats zou komen. In Sarajevo wordt Leyers geschoren door een moslima die een kapperszaak heeft. Ook de eigenaressen Emina en Nermina van kledinglijn Kaplan bevestigen het beeld van de zelfstandige vrouw. De eerste is de jongste en de meest spraakzame, maar draagt wel, anders dan haar zus, een hoofddoek, maar dat is een persoonlijk keuze. Ze noemt Sarajevo het Jeruzalem van Europa.
Leyers bezoekt het graf van de eerste president van Bosnië, die het land in de burgeroorlog leidde. Te midden van de vele mensen verschijnt een zoon van Erdogan die de Bosniërs een hart onder de riem wil steken. Een actie van een groepje voor de kathedraal om te laten zien dat de Serviërs niet veel beter waren dan de nazi’s door de moslims witte banden te laten dragen, toont aan dat het verleden nog altijd springlevend is.
Leyers reist naar Srebrenica dat nog steeds gebukt gaat onder de genocide op de mannelijke bevolking. Een overlevende die drie granaatscherven in zijn lichaam kreeg, kan geen koffie meer drinken vanwege zijn trillende handen. Twee zoons zijn gedood toen zij in juli 1995 de bossen in vluchtten. Ook de vader van de jonge imam kwam om. Dat is voor de zoon nog steeds een traumatische gebeurtenis. Hij neemt Leyers mee naar zijn huis. Zijn vrouw komt uit Sarajevo en wil daar later weer naar terugkeren als de kinderen groot zijn, maar hijzelf voelt zich zeer verbonden met de stad. Hij kan moeilijk uitleggen hoe de haat zo heeft kunnen opkomen. Het is absurd dat gebeurtenissen van zeshonderd jaar daarvoor de aanleiding zijn geweest, zoals Mladic ons wilde doen geloven.
Een zakenman in een nieuwe wijk van Sarajevo woonde acht jaar in de Verenigde Staten, maar miste daar toch het ware geloof. Zijn bedrijf heeft de islam in de bedrijfsvoering geïntegreerd. De Europese islam bestaat niet, zegt hij, wel de islam in Europa, al is die door de invloed van het christendom afgezwakt. Hij sloot zich aan bij een soefi broederschap dat onder leiding van een voormalige generaal uit het Bosnische leger een intense ode aan allah brengt, zikr, geheten. Leyers is onder de indruk. De zakenman is blij met de spirituele opleving van het geloof, dat voor de oorlog veel minder gepraktiseerd werd. Hij zou blind weer achter de generaal aan gaan. Leyers concludeert dat het geloof gelijk staat aan de familie en de geboortegrond.  

2: Bosnië en Hongarije – de goede raad van de moefti

Leyers is in het bedevaartsoord Prusac in de bergen van Bosnië. Daar wordt jaarlijks herdacht dat vijfhonderd jaar geleden uit een gespleten boom water verscheen. De grootmoefti zegt de christenen erg streng in de leer waren in vergelijking met de moslims. Het geloof is hiërarchisch georganiseerd. Onder de grootmoefti staan de gewone moefti’s. Het islamitisch bestuur controleert de imams.
Leyers gaat terug naar Sarajevo en komt aan tijdens het vrijdagmiddag gebed. Hij verbaast zich erover dat de voormalige grootmoefti gewoon tussen de gelovigen staat. De man vertelt dat hij vroeger te weinig naar de gelovigen luisterde. Hij wil dat de moslims duidelijker van zich laten horen en dat het goed zou zijn als er een grootmoefti voor Europa zou worden aangesteld die een voorbeeld voor anderen zou zijn. Leyers is erbij als de inwoners tijdens de vastenmaand boven op een heuvel aan hun maaltijd beginnen. In de stad beneden zijn de lichtjes al aan.

In de Hongaarse stad Pecs wordt hij meteen geconfronteerd met een veel hardere opstelling tegenover de islam. Veel moslims wonen er dan ook niet in dat land. De burgemeester, lid van de rechtse Fides, toont een kerk die eerder een moskee was en heeft er problemen mee dat moslims hun eigen cultuur uitdragen. De oproep tot gebed klinkt hier dan ook niet vanuit een minaret.
In Budapest bezoekt Leyers een groep moslims dat het geloof praktiseert in een voormalig kantoorgebouw. Szultan Sulok vreest meteen slechte intenties bij Leyers maar die stelt hem gerust. Sulok legt uit dat de heersende opinie bedreigend is en dat hij zelfs pogroms vreest. Hij heeft vijf zoons en wil niet dat ze lijden, maar anderzijds wil hij ook niet vertrekken. Zijn rechterhand Muad geeft les aan jongeren en probeert ze te behoeden voor het verlies van hun geloof. In het pand kunnen jongeren zich ook ontspannen. Er is daar ook een ruimte voor vrouwen. Leyers spreekt twee van hen die zich niet thuis voelen in de stad en regelmatig belaagd worden. Dat moslim vrouwen alleen met moslims mogen trouwen, maar moslimmannen niet, dat vinden ze niet eens gek.
Leyers gaat met hen mee op een jeugdkamp waar ze onder elkaar zijn. De kinderen bidden vijf keer per dag om te beginnen om kwart voor vier in de ochtend. Er komt ook een sjeik uit Saoedie Arabië op bezoek. Sulok kan het goed met hem vinden, ook al is de islam daar heel wat strenger.
Tenslotte ontmoet Leyers een stel hippiemoslims in de stad. Janosch en zijn vrouw Marian waren eerder katholiek maar bekeerden zich tot de islam omdat ze zich niet konden vinden in de christelijke leer. Marian geeft Arabische les en toont Leyers haar boekenschat. Ze zegt dat de liefde overgaat maar dat het huwelijk blijft, terwijl Janosch  er beteuterd bij kijkt. Marian draagt hippe moslim kleding want het gaat haar om de geest van de islam en niet om de letter van de wet.

3: Hongarije en Oostenrijk - de weg naar het paradijs

Van te voren wordt aangekondigd dat beelden van een rituele slachting schokkend kunnen zijn en inderdaad is de manier waarop koeien in een slachthuis onverdoofd aan hun einde komen, geen pretje om te zien. Dat vindt ook Bolek van een arme moskee uit Budapest die deze slachting organiseert. In verband met het offerfeest deelt hij vlees uit aan arme Hongaren en dat hoeven geen moslims te zijn. Hij ziet dat als een opdracht uit de koran. Een medewerker merkt op dat ze het volgend jaar misschien toch een koelwagen moeten huren om het vlees weg te brengen.  

In Wenen ziet Leyers veel meer moslims op straat. Ramazan Demir (1986) is leraar islam op een gymnasium en vertelt dat er dertig procent moslims op zijn school zitten. Keizer Franz Joseph heeft in 1912 de vrijheid van godsdienst geregeld, alleen is er niets gedaan aan de bezoldiging van de leraren of zielzorgers in het leger, het ziekenhuis en de gevangenis. Leyers gaat met hem mee naar een gevangenis, maar mag zelf niet naar binnen. Hij is er wel bij als Demir een lading chocolade inslaat voor de gevangenen die hij gaat bezoeken. Aan zijn enorme lijf te zien houdt hij zelf erg van zoet.
Het een leidt tot het ander. Leyers bezoekt een bedrijf dat halal Sachertorte maakt en die verkoopt in het Midden Oosten, vooral in Saoedi Arabië en Qatar.
Zell am See is geliefd bij Arabieren als vakantieoord. Volgens de koran zou dat het paradijs op aarde zijn. Het valt Leyers op dat moslimmannen westers en hun vrouwen traditioneel gekleed gaan. Dat zijn nu eenmaal de regels, zegt een Arabier. Mohammed werd al jaloers als een ander te veel naar een van zijn vrouwen keek. De gezinnen gaan de sneeuw in om te sleeën. De beheerder van de sleebaan zegt dat hij niet teveel naar de vrouwen kijkt maar dat niet kan verhinderen als hij met hen in gesprek is.
Schrijnend in een gesprek dat Leyers voert met studente Fatima uit Koeweit en haar moeder (zie foto), terwijl ze aan de oever van het meer op een bootje wachten. Fatima heeft er geen moeite mee om haar schoonheid te tonen maar vindt het jammer dat ze niet, zoals in het Westen, een man kan uitproberen voordat ze met hem trouwt ofwel: voordat ze met hem in een bootje stapt, zoals Leyers snedig opmerkt.  

4: Frankrijk – de Fransen en hun moslims

Ondanks hun hooggestemde idealen noemt Leyers Frankrijk een lege staat omdat een invulling van de religie daar onmogelijk is. In de banlieue in Parijs is dat te merken. Na de eerdere rellen in 2007 is men nog steeds onvrede over het beleid om de islam zo veel mogelijk weg te saneren. Een handelaar in Oosterse waren moet een klant meedelen dat voor zijn toko straks geen plaats meer is. De wijkagent is al weg en de bibliotheek verdwijnt. Een danseres die op haar zestiende het danscentrum ontdekte doet er van alles aan om het zelfvertrouwen van de jeugd op te krikken. Haar leven was een gevecht om te overleven voor ze de dans ontdekte. Omdat ouders geen tijd hebben voor de opvoeding studeert ze met kinderen een voorstelling in. Het geloof dat haar leven heeft gered, heeft haar daartoe aangezet.
Leyers spreekt in de binnenstad met twee activistes die de klassenstrijd weer van stal hebben gehaald, ook wat betreft het racisme waar ze op subtiele wijze mee geconfronteerd worden. Het brengt Leyers tot de verzuchting dat Frankrijk toe is aan een nieuwe revolutie of een update van de oude.
In Nice leefde men onbezorgd tot de aanslag in juli 2016 op de Boulevard des Anglais, waar 86 doden vielen, waaronder de moeder van Latifa. Een witte man die haar zag nadat ze naar de plek was geweest waar haar moeder overreden werd, zei dat het goed was dat er weer een moslim minder was. Ook in de binnenstad heerst een nare sfeer. De anti islamgevoelens zijn groot en de moskee wordt besmeurd. Een boekhandelaar probeert radicalen bij te sturen en de eigenaar van een kickbokschool, die in de jaren zestig uit Algerije kwam, probeert jongeren van de straat te halen. De laatste ervoer het als een nederlaag dat een bokser, die daar lang sportte, zich helemaal op het geloof gestort heeft. Hij vindt dat maar gevaarlijk. Zijn zoon die in Nice geboren is, is jongerenbegeleider, maar heeft ook last van de discriminatie. De toestand gaat alleen maar achteruit, zegt de vader. Hij is het eens met Leyers dat de godsdienst vroeger veel minder een rol speelde. De zoon zegt dat identiteit tegenwoordig veel belangrijker is en dat die loopt langs de lijn van de religie. Latifa verkoopt spulletjes op een rommelmarkt en steunt Syrische kinderen met het geld dat ze daarmee verdient. Na de dood van haar moeder had ze het idee dat ze toch iets moest doen om haar dood te wreken. Zij brengt Leyers naar een bevriende imam, die machteloos staat tegen de haatpredikers. Een vrouw aan het strand herinnert zich het verbod op boerkini’s gedurende het vorig seizoen en denkt er wel eens over terug te keren naar haar land van herkomst. Samenvattend stelt Leyers dat de moslims tussen twee vuren zitten, enerzijds de terroristen en anderzijds de witte Fransen.  

5: Groot-Brittannië – de zegeningen van de sharia

In de vijfde aflevering is het echt schrikken met alle controversiële islamisten die van zich laten horen. Op de eerste plaats sjeik Haitham al-Haddad van de East London Mosque die zegt dat goede moslims in het hiernamaals beloond zullen worden en wellicht God zelf zullen zien, hetgeen doet denken aan ons sprookje over Sinterklaas. Leyers probeert door te dringen in het gedachten van de man die volgens Leyers in Nederland weigerde een met een vrouw aan tafel te gaan zitten en voorzitter van de shariaraad is. In die laatste hoedanigheid oordeelt hij over scheidingen, waarbij de man het mondeling af kan doen en de vrouw voor een rechtbank moet verschijnen, zoals overigens ook in de Israëlische film Gett (2014)te zien is. Leyers gaat met hem mee naar een buitenwijk in Londen waar hij een lezing houdt over het tonen van genade. Later legt hij uit dat dit wat anders is dan christelijke liefde, want de islam is niet zozeer gericht op het innerlijk als wel op het gedrag. Op de vraag van Leyers of afvalligheid van het geloof wordt bestraft met de dood, laat de prediker volgens Leyers niet het achterste van zijn tong zien.
Op Leicester square probeert een moslim een ouder christelijk stel voor de islam te winnen. Ze krijgen een gratis koran die in Saoedi Arabië werd gedrukt. Het stel kan er niet over uit dat de koran homoseksualiteit als zondig ziet, want hun zoon is homo.
Leyers bezoekt een uitvaartcentrum waar de laatste rituelen na de dood van een moslim worden uitgevoerd. De begrafenis moet snel gebeuren omdat er ten tijde van Mohammed geen koeling was, zegt de uitvaartonderneemster, die het dragen van een nikaab en aanslagen door moslimterroristen niet goedkeurt.
In het noordelijke Dewsbury spreekt Leyers met de aartsconservatieve moefti Mohammed Pandor, een vroegere ingenieur die net als Haitham al-Haddad alles lijkt te weten, zelfs hoe zijn zoon, die een matrassenfabriekje heeft, minder afval kan produceren. Op de vraag van Leyers hoe het zit met de straf op afvalligheid, antwoordt hij dat daarop in islamitische landen de dood volgt, maar niet in het westen. Hij vergelijkt het met een vergrijp waar in de Verenigde Staten de doodstraf op staat, maar ik denk dat hij vooral bevreesd is voor uitspraken die hem in Engeland de kop kunnen kosten. Hij is niet tegen de nikaab omdat hij daardoor geen verkeerde blikken op een vrouw kan werpen. Leyers ontmoet zijn nichtje op de markt die zegt dat ze haar gezicht alleen aan haar man toont en wil Leyers zelfs geen hand geven. Kortom: de vrijheid die de moslims in Engeland hebben heeft geleid tot een metersdiepe kloof met onze westerse opvattingen.

6: Scandinavië – een schuilplaats in het noorden

In een park in het Zweedse Malmö krijgen moslims ongestoord de kans in een park een gebedsdienst te organiseren. Dat staat model voor de grote openheid in het land dat tijdens de afgelopen vluchtelingencrisis 160 duizend vluchtelingen opnam. Het moest zelfs mensen in verafgelegen oorden plaatsen, zoals een plaatsje dat Leyers onder leiding van Jenny, een voormalig vrijwilligster en inmiddels een coördinatrice, bezoekt. .
Er wonen daar dertig gezinnen, onder andere uit Afghanistan. Jenny leert hen over afvalscheiding. Leyers verbaast zich erover dat mannen en vrouwen gescheiden zitten. Jenny geeft toe dat dit lastig ligt. Een collega van haar heeft dat uit ervaring meegemaakt en wil de vrouwen leren om hun plaats te midden van de mannen in te nemen. Er is een Syriër uit Aleppo die twee vrouwen en negen kinderen heeft in twee huizen en een uitkering voor hen beiden krijgt. Zelf werkte hij in de bouw maar mag niets doen zolang zijn verblijfsvergunning nog niet rond is.
Leyers zegt dat niet iedere Zweed optimistisch is over het samengaan van twee culturen en spreekt daarover met Mustafa, die op zijn elfde uit Afghanistan naar Zweden kwamen en jonge vluchtelingen helpt om zich de Zweedse manier van leven eigen te maken. Hij leert hen onder andere dat de vrijheid van meningsuiting een groot goed is en dat ze het niet goed hoeven vinden als de spot wordt gedreven met de profeet maar dat ze daar alleen vreedzaam tegen in mogen gaan. Leyers vraagt zich af of een vrij en seculier land geschikt is om moslims op te vangen maar Mustafa zegt dat erover te praten valt en dat men vooral de moslims niet moet ontzien, zoals men met kinderen doet.

In Denemarken is de sfeer heel anders en dat heeft te maken met alle ophef die in 2005 ontstond over de cartoons van de profeet, die afgebeeld werd met een raket op zijn hoofd. Leyers spreekt met de van huis uit Syrische parlementariër Naser Khader die de ophef geen probleem vond, maar vervolgens door moslimfundamentalisten bedreigd en daarom bewaakt wordt. Khader zegt dat het om het innerlijk gaat en dat extremisten niet samenvallen met het geloof, maar de publieke opinie is naar rechts opgeschoven. Tijdens een open dag in een moskee in Kopenhagen vertelt een vrijwilliger dat politici zich aan de grondwet moeten houden en zich niet laten beïnvloeden door de rechtse stroming, die de rechten van moslims wil inperken. Hij is zelf tegen het publiceren van aanstootgevende cartoons en wil daar graag over discussiëren, maar beseft dat dit zal uitdraaien op overeenstemming over het feit dat men van mening verschilt en dat het nog lang zal duren voor de meerderheid overgehaald is tot het islamitische standpunt.
Tenslotte bezoekt Leyers de 82 – jarige Kurt Westergard die de tot ophef leidende cartoon van de profeet maakte. Hij zit ondergedoken, wordt al sinds 2005 bewaakt en maakt zich zorgen over de toekomst. Hij werd streng christelijk opgevoed. Vroeger vreesde hij God meer dan Hitler of de duivel omdat God altijd bij hem naar binnen kon kijken. Hij weet niet of hij de cartoon gepubliceerd had als hij wist wat de gevolgen daarvan zouden zijn.    



7: Duitsland – bei uns in der Moschee

Leyers bezoekt de Ali moskee in Hamburg, honderdvijftig jaar geleden gebouwd door Iraanse immigranten. Daar wordt een Koran wedstrijd gehouden, waarbij het gaat om de kennis ervan maar ook om het reciteren. Een van de deelnemers is een Irakees die vijfentwintig jaar geleden naar Europa kwam. Het geloof is voor hem zo’n beetje alles. Na afloop zegt hij tegen Leyers dat hij heel gespannen was.
Leyers zegt dat er de laatste jaren zo’n dertigduizend vluchtelingen naar Hamburg kwamen, waardoor de moskeeën ruimte te kort komen. In een garage moskee wordt het vrijdaggebed in twee shifts gehouden, maar komt een nieuwe moskee in een evangelische kerk. De initiatiefnemer is een Libanese zakenman, die bezoekers uit de wijk rondleidt en vertelt dat hij niet zomaar van iedereen geld aanneemt. De financiële steun van Koeweit was zonder voorwaarden. De wijkbewoners zijn positief. Een vrouw denkt dat over twintig jaar mannen en vrouwen niet meer gescheiden zullen bidden.
De gedreven feministe Zana Ramadani vertelt dat het dragen van een hoofddoek laat zien dat men een eerbare vrouw is, maar dat de gemeenschap de vrouw vaak geen keuze biedt. Eerder was ze lid van Femen maar daar is ze van teruggekomen. Cultuur en religie vindt ze één pot nat. Ze vindt dat moslims zich moeten uitspreken tegen de tekst in de koran die oproept om ongelovigen te doden. Ze vluchtte tijdens de oorlog in Joegoslavië uit Macedonië en kwam terecht in een dorp in Westfalen,waar ze, tot wanhoop van haar conservatieve moeder, opgenomen werd in de gemeenschap. Op haar achttiende vluchtte ze uit huis.
Leyers stuit in het centrum van de stad op christelijke fanatici uit Iran die geloofsgenoten oproepen zich te bekeren tot het christendom, omdat dat op liefde gebaseerd is en men daar tenminste de vrouw niet als slavin ziet, die men voor één uur kan trouwen.
Tenslotte gaat Leyers naar Keulen waar een hypermoderne moskee gebouwd is met het oogmerk om daar te blijven. Net als Jan Böhmermann vorige maand in Tegenlicht, gaat Leyers op bezoek bij de banketbakkerij van de familie Özdag in de Turkse wijk in het centrum. Dochter Hülya werkt mee in het bedrijf en zegt dat ze soepel met de islamitische regels omgaan. Ze voelt zich aangevallen op haar geloof door de jongste schermutselingen en dat vijftig jaar na hun immigratie. Leyers zegt dat hij vaker merkt dat seculiere moslims als het ware vanzelf weer in de fuik van de islam terecht komen.  


8: België en Nederland – moslims van morgen

Leyers noemt Nederland een diep verdeeld land als het om de houding tegenover de islam gaat. In het centrum van Utrecht spreekt hij een bekeerling met een lange baard die niet kon beargumenteren wat er mis was met deze godsdienst en daarom zich er maar toe bekeerde. Wie zijn wijzelf? vraagt hij zich met overtuiging af.
Daarnaast spreekt Leyers leraren die op een islamitische middelbare school in Rotterdam lesgeven. Daar benadrukt men de eigen identiteit, maar een kledingvoorschrift wordt niet gegeven. Een leraar spreekt over obstakels om in de hemel te komen en wil vooral dat de leerlingen zich in dit ondermaatse dienstbaar opstellen. Hij geeft toe dat het nog niet zo gemakkelijk is een middenweg te bewandelen tussen de liberale en orthodoxe opvattingen over de islam. In het uiterste geval moet een moslim uit Europa vertrekken, maar waar die dan naar toe kan, dat is de vraag. De directeur was vroeger een provo en nu een atheïst, maar dat belemmert hem niet de schoolzaken te coördineren. Hij is er trots op dat de laatste vier jaar geen leerlingen met verkeerde denkbeelden naar Syrië zijn vertrokken. Hij houdt zelf van Bach en dat spoort niet met de islam, vindt hij. We horen een koraal op de achtergrond als hij de leerlingen uitzwaait.
In Amsterdam predikt een radicale imam over de beperkingen van de liberale democratische waarden. Hij wil een islamitische staat realiseren, maar heel anders dan IS heeft gedaan. In zijn opvatting kunnen daarin ook andere godsdiensten onderdak vinden. Leyers zegt dat islamitische waarden redelijk lijken maar dat er vaak wel een addertje onder het gras zit.

Op een beurs in Antwerpen, gericht op moslims, staat een stand die potentiële bekeerlingen wil aantrekken. Een van de standhouders geloofde vroeger niet maar is tevreden met zijn nieuwe geloof. Leyers loopt op met een liberale Vlaamse imam die zich zorgen maakt over de radicalisering onder jongeren en wil dat er positieve leiders in de lege ruimte verschijnen. Hij introduceert Leyers bij Fatima, een lieve vrouw, van wie de zoon vier jaar geleden naar Syrië vertrok. Ze heeft al anderhalf jaar geen contact meer met hem gehad en houdt spreekbeurten op scholen om jongeren te weerhouden een dergelijke stap te zetten.  
Brussel heeft een loodzware reputatie als het over de islam gaat, zegt Leyers. De Palestijnse Montassaer, deskundig op het gebied van religieus extremisme verwijt het de moslimgemeenschappen dat ze hun oren teveel naar de imams laten hangen. Zijn expertise wordt gevraagd op een school waar een meisje denkt in de problemen te komen als ze geen hoofddoek mag dragen. Montassar stelt vragen aan de leerlingen en concludeert dat ze geïndoctrineerd worden, zelfs ook tijdens het godsdienstonderwijs op deze school. Wijsheid begint met twijfel, zegt hij. Daarop bezoekt Leyers een bijeenkomst van godsdienstleraren over de relatie tussen de islam en de evolutietheorie. Hij ontmoet de intelligente Achmed die de hersenen hoger acht dan de koran en een kritische leerling hoger dan een gehoorzame. Een atheïst kan volgens hem meer integer leven dan een moslim die het goede doet uit angst om gestraft te worden. Leyers praat met Achmed na over zijn serie. Hij is geschrokken van opvattingen die hij gehoord heeft en ziet de toekomst realistisch met een donker randje. Achmed probeert hem gerust te stellen dat de meeste moslims geen kwaad in de zin hebben en dat verkeerde interpretaties de integratie verergeren. Hij bepleit dan ook een modernisering van de heilige teksten, maar weet dat hem dat niet door iedereen in dank wordt afgenomen. De strijd gaat volgens hem niet tussen christendom en islam maar tussen de liberale en orthodoxe islam. 

Hier meer over de serie, waaronder ook artikelen en verwijzingen naar andere documentaires, hier mijn bespreking van Gett, hier mijn verslag van de Tegenlicht uitzending met Böhmermann.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten